7.
Leer ons uw toorn ons zoo voor oogen stellen,
Om onsen tyd van daagen wel te tellen,
Dat wy een wys, en deugdsaam hart bekoomen.
Keer weeder, Heer, wil uwe gramschap toomen.
Hoe lange zult gy noch uw knechten slaan?
Heb eens berouw van 't leed hun aangedaan.