3. Nazang.
Wijze: Gezang 2.
Ja, Jezus! U zij roem en eer!
Gij daaldet uit den Hemel neêr,
En bracht ons 't Eeuwig Leven.
Door U, o Heer! zijn wij gewis,
Dat God ook ónze Vader is,
Die nooit ons zal begeven!
Gij maakt ons hart zoo recht verheugd,
Gij voedt ons op voor ware Deugd,
Gij wijst den weg naar Boven.
Gij geeft ons plaats in 't Paradijs:
Hoe zalig, dáár, op Englenwijz',
Voor eeuwig U te loven!
Och, waart Gij, tot aan 's waerelds end,
Dien Heidenkindren ook bekend,
Die van Uw heil niets weten,
Wat zouden zij gelukkig zijn,
En U, verlost van zonde en pijn,
Hun lieven Jezus heeten!
Heer! zend Uw goede herders uit
Naar Oost en West, naar Noord en Zuid,
Tot aan de verste stroomen!
Opdat, o Heer! niet wij-alléén,
Maar alle kinderen, groot en kleen,
Ja, àlle, tot U komen!