Bladzijde 32, regel 3.
‘Een ster als een graflamp...
en 't scheemren houdt aan.’
‘Daar Uranus ongeveer twintigmaal verder van de Zon verwijderd is dan de Aarde, is het zonlicht op deze planeet dus ook vierhonderdmaal zwakker dan bij ons. De zonneschijf vertoont zich slechts zoo groot als bij ons Venus, en verspreidt er, zelfs op den heldersten dag, slechts een schemering als die onzer maneschijnnachten. Daar met de verwijdering van de Zon ook de warmte van het zonnelicht op gelijke wijze als de lichtende kracht afneemt, zoo brengt het zonnelicht op Uranus een vierhonderdmaal zwakkere verwarming te weeg.’ - A. Bernstein, Phantasie-Reise im Weltall.