Bladzijde 127, regel 11.
‘Toch schittrend, schroeiend, Vast tweemaal meer Dan 't zonlicht gloeiend In de Aardsche sfeer.’
Lees: viermaal meer. -
‘De Zon schijnt op Venus bijna viermaal grooter dan den bewoonderen der Aarde: alzoo moet zij dáár dan ook in dezelfde mate sterker stralen dan in onze woonplaats. De aequator van Venus maakt met de vlakte van hare baan een hoek van 72 graden. Daar-door worden de jaargetijden van deze planeet zeer verschillend van de onze.’ - Böhner, Kosmos, I. ‘Op Venus heerscht zeker niet het verblindend licht en de hette van Merkurius, want Venus is 7 millioen mijlen verder van de Zon dan Merkurius, maar niettemin toch nog 4 millioen mijlen dichter bij de Zon dan onze Aarde. Zij is ook ongeveer van dezelfde grootte, gelijk ook de duur harer dagen niet veel van dien van onze dagen verschilt, want Venus loopt in 23 uur en 21 min. rondom hare as. Toch zou haar atmosfeer voor ònze oogen nog te schel, hare warmte òns te drukkend zijn. Hare jaren tellen slechts ongeveer zeven van onze maanden, zoodat ons leven daar tot de helft zou inkrimpen. Ook is het wel te denken, dat de helling van haren evenaar van 72 graden, een nadeeligen en ongunstigen toestand te weeg moet brengen, door de sterke afwisseling der jaargetijden, waarmede geen volle plantengroei, geen hooger organiesch leven bestaanbaar kan zijn.’ - Dr. Ebrard, Nat. Hist. Briefe.
Cookies on Poetry Cove