Skip to content
1869

De planeeten

J.J.L. Kate

Bladzijde 87, regel 8.

‘Waarom dan, zonen Van 't zelfde Huis! Nog Burgeroorlog En Krijgsgedruisch?’

Dat de naam dien deze Planeet draagt, een Dichter aanleiding geeft om van den Oorlog te gewagen, spreekt van zelf en behoeft wel geen verdediging. Een enkel woord toch tot recht verstand van mijne beschouwing van den oorlog, moge hier zijn plaats vinden. Ik ontleen ze aan mijn opstel Over den oorlog, in Juli 1866 geplaatst in het Christelijk Album. De oorlog predikt Gods gerechtigheid. Ook in latere dagen is de oorlog vaak een oordeel der vergelding. Wel verre van ons de beweering, dat de ongelukkigsten juist de schuldigsten zijn, en dat de zegepraal, op het slagveld behaald, steeds de welverdiende kroon is der rechtvaardige zaak. Maar menigmaal toch is er in den jam-mer der volken, niet minder dan in het lijden van enkele personen, de vinger te zien eener goddelijke Nemesis. De waereldgeschiedenis is het waereldgericht, meer dan wij weten of gissen, die slechts fragmenten zien van het geheel en maar dagen beleven van de eeuwen. ‘De vlammen, waardoor Karthago vernield werd’ - zegt onze Willem de Clerq - ‘waren een billijk loon voor de afpersing veler volken, en het hoogmoedige Rome werd door de Barbaren vertreden, nadat het Gods last had voltrokken over de stad des tempels’, die hare profeten had gedood en Hem gekruisigd op Wien alle profeten gewezen hadden. En is de volks-schuld soms verjaard, ‘omdat niet altijd haastelijk het oordeel over de booze daad geschiedt’, welnu, de Heer onze God is een ijverig God, die de misdaad der vaderen bezoekt aan de kinderen, in het derde en vierde lid dergenen die hem haten. De Nakomelingschap boet telkens de zonde van het Voorgeslacht; de schuld van Gisteren heeft de schande van Heden voorbereid. En dat zou zóó moeten zijn, alleen reeds omdat er een onverbrekelijk verband is tusschen Oorzaak en Gevolg, hoeveel te meer nu God in de Geschiedenis is, en de Heer regeert! De oorlog verkondigt Gods heerlijkheid. Want Hij die kastijdt wien Hij liefheeft, en Wiens slaan vaak genezen is, gebruikt soms de oorlog ten nutte der Zijnen. De Hemelsche Opvoeder gaat nog steeds voort om Natiën en Personen ook door de rampen van den oorlog te louteren. Zoo ontneemt hij vaak door het zwaard der over-weldigers hun de aardsche schatten, om het Goed te doen zoeken dat nooit vergaat, om hen los te maken uit de gemeenschap van de zondaren en de zonden, om hen te heiligen tot Zijn eigendom. De oorlog verkondigt Gods heerlijkheid. Want Hij die niet wil ‘dat sommigen verloren gaan, maar dat ze allen komen tot kennis der waarheid’, gebruikt den oorlog niet zelden om de komst van Zijn Koninkrijk voor te bereiden of te verhaasten. - Ik zou hier allereerst van de tijdelijke winsten hebben kunnen gewagen, die soms, bij alle schade, door den oorlog worden afgeworpen. Ik doel hier natuurlijk niet op de geldelijke voordeelen, door den overwinnaar bij het verknopen van den vrede te betalen, noch op het uitzetten der grenzen door het zegevierend zwaard; veel minder op het makelaarsloon, door baatzuchtige bemiddelaars te bedingen. Maar ik denk er hier aan, hoe soms de gebreken en zwakheden eener burgerlijke Staatsinrichting door den oorlog ontdekt worden. Ik denk er aan, hoe het gebeuren kan dat door den oorlog een Staat, die, van toereikende hulpbronnen ontbloot, lang mishandeld en verguisd werd, een bestanddeel wordt van een grooter Staat, door meer macht beschermd en beter geregeerd. Ik denk er aan, dat door den oorlog soms de voordeelen van gewichtige verbonden met andere Mogendheden verworven worden: ruimer bestaan, vrijer handel, hooger achting buiten 's land, grooter zelfstandigheid. Doch hoezeer al deze dingen misschien niet geheel buiten verband staan met de hoogste belangen eens Volks, wijs ik liever op nog treffelijker vrucht, soms door Gods wijsheid gelokt uit bloedigen bodem. Wel menigmaal breekt de oorlog de traagheid en verslapping af, die 't gevolg kunnen zijn van een langdurigen vrede, en ontwikkelt en spant hij velerlei krachten van verstandelijken en zedelijken aard. Dan wekt hij Natiën tot nieuwe werkzaamheid en lokt hij groote daden uit, die den heilzaamsten invloed oefenen op de ontwikkeling van heel een geslacht. Vaak is de oorlog het middel, waardoor volken met volken in aanraking komen, nutte kundigheden van het eene land tot het andere worden overgebracht, de beschaving zich verspreidt, de horizont der volken zich verwijdt, vooroordeelen en miskenningen worden opgeheven uit het groote Huisgezin der Natiën, de zeden verzacht en veredeld worden. Nog meer! aardsche omwentelingen en bewegingen moeten dikwijls den weg banen voor die gezegende omwenteling, die wij de toebrenging der Heidenen tot het Koninkrijk Gods noemen. Dan wordt de oorlog het middel, waardoor de Heidenen de Christenen of liever - wat veiliger is! - het Christendom leeren kennen, en het laatste den weg vindt tot hun land en hart met het Evangelie der Grenade. Zoo heeft - om de voorbeelden in ons Gedicht aangehaald, met een enkel woord toe te lichten - de opium-oorlog van Engeland met China, hoe schandelijk op zich-zelf ook, een toegang geopend tot de verkondiging van het Evangelie aldaar. Het eiland Chusan, in 1840 bij het uitbarsten van dien oorlog door de Britten genomen, werd tot hun centrum en tuighuis gemaakt; en ziet, juist van dáár uit ging, twee jaren later, de zendeling Milne naar Ningpo, en dáár juist vestigde Gutzlaff zijn hoofdkwartier. ‘En wie weet’ - heeft men te recht gevraagd - ‘of niet, in dit zelfde China, het leger der insurgenten zelf een reusachtige Chineesche Unie moet worden, bestemd om op eigenaardige, evenredige schaal den oorlog tegen den kolos van het Heidendom in China te voeren?’ Zijn niet, evenzoo, in Italië de gevolgen van den voorlaatsten vrijheids-oorlog boven verwachting gunstig geweest voor de Evangelische beweging? Zijn er sedert geen 80000 Nieuwe Testamenten binnen drie jaren verspreid? Is de vrijheid van godsdienst er niet afgekondigd geworden als in het aangezicht van den Paus? Rijzen de scholen en bedehuizen er niet overal op als uit den grond? Meer dan ééns is er door den oorlog een Macht gebroken, die den zwakke onderdrukte, die slavernij en onkunde en gewetensdwang begunstigde. Dan werden door den oorlog deugden beoefend, die anders niet zóó tot haar kracht zouden zijn gekomen: heldhaftig godsvertrouwen en onderwerping aan 's Heeren wil, grootmoedige menschenliefde en edele gezindheid, onthouding en geduld en ongeschokte standvastigheid. Dan werden uit den oorlog voordeelen geboren, die niet verworven hadden kunnen worden zonder het zwaard: zachter regeering, herstelling van de rechten der Menschheid, vrijheid van Godsdienst en Geweten. Zóó hebben onze Vaderen tachtig jaar gestreden tegen de Spaansche dwingelandij, en het nageslacht plukt er nog altijd de vruchten van. - Hierin is de Voorzienigheid Gods, die over alles gaat om de gevolgen te regelen naar Hare wijsheid en goedheid, naar Haar eeuwig waereldplan. Uit verwarring schept God orde. Hij neigt de harten der Koningen als waterbeeken, en stilt het rumoer der golven en der volken. Hij is de God van Jozef, die ten goede denkt wat de menschen ten kwade hebben gedacht; Hij is de God van Jezus, die ook den Judas-kus laat medewerken tot volvoering van Zijnen raad.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
De planeeten · J.J.L. Kate · Poetry Cove