8. Zeven en een is acht.VIII.
een heer.
Weet gij het woonhuis ook van d'advocaat A. Koek?
mina.
Ja wel, Mijnheer, het is het achtste van den hoek.
In 't eerste huisje woont baas Klim, de metselaar;
In 't tweede een bakker; in het derde een molenaar;
In 't vierde een slachter, in 't vijfde een timmerman.
In 't zesde een rijk bankier, dien 't u niet noemen kan.
Het daarop volgend huis, het zevende in de rij
Staat leeg - en de advocaat woont aan de rechterzij.