Skip to content
1801

Vriendenzangen tot gezellige vreugd

Jan Walré

De reiziger. Air: Von Rechenmeister Amor.

Hoe menig Rijke heeft, met pracht, Een reis door gansch Euroop' volbracht En kreeg, van uur tot uure, Een ander zes-span tot relais; Sliep in zijn post-koets of zijn Chais, Bij 't schoone der natuure!

Het eenig voorwerp van zijn lof Zijn groote steden, prachtig Hof, Landgoed'ren en Paleizen; Voorts bleef, van d'aanvang tot aan 't end, Hem 't gansche Landschap onbekend; En dat heet ook al reizen!

Hij zag in al de groote steên Slechts Automaten om zich heen En Dames, mild in gratie; Bij and'ren stond zijn geest niet stil; Dus zag hij geen het minst verschil Bij de eene of de and're Natie.

Van Bal's Spectakels weet hij wel; Hij kent het Creps- en Faro-spel, Daar kon hij in brilleeren; Maar, wagende al zijn munt en kruis. Kwam hij geruïneerd weêr t'huis; En dat heet voyageeren!

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Vriendenzangen tot gezellige vreugd · Jan Walré · Poetry Cove