86. Op 't zingen van Juffrouw A. Raave.
Hier zingt een Raaf zoo schoon als iemandt kan gelooven.
Kanary, staak uw zang; staak Leeuwrik uw gequeel:
Want deeze Raave kan u door haar zang verdooven.
Niet bint 'er vaster dan een overschelle keel.
Laat zich een ander 't oor door nachtegaalen laave'?
Ik wraak de nachtegaal, om 't zingen van een Raave.