Skip to content
1662

Alle de gedichten. Deel 1

Jan Vos

Trooianen van de Grieken overvallen, de Stadt in 't verschiet in de brandt, door F. G. geschildert.

Wat krijgsvolk ziet men hier elkaâr verwoedt aanranden? 't Zijn strijdtbre Grieken en Trooianen groots van hart. 'k Zie Trooien in 't verschiet door Sinons fakkel branden. Wat langzaam wordt gebouwt raakt dra door vuur omvart. Het schijnt dat Etna hier zijn ingewandt komt braaken. Ik wordt door schrik voor 't vuur tot in mijn boezem koudt. De schrik is machtigh om het bloet tot ys te maaken. De vaandels dringen aan. elk toont zich eeven stout. Hier slaat her Trooische volk: daar doet de Griek hen wijken. Een onverwacht geweldt heeft overgroote kracht. Het veldt wordt roodt van bloedt, en wit van versche lijken. De moordt is gruwelijk. wie blijven wil, ik wacht Ulysses loosheidt niet, noch Pyrrhus wreede deege. Wie 's vyandts zwaardt ontvlucht heeft in zijn ramp noch Zeege.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Alle de gedichten. Deel 1 · Jan Vos · Poetry Cove