Skip to content
1662

Alle de gedichten. Deel 1

Jan Vos

Derde Vertooning. De Drost, die van Gerechtigheidt, Voorzichtigheidt, Maatigheidt en Eendrachtigheidt verzelt is, wordt van Muide, Naarde en Weezop naar 't Slot geleidt. Apollo, Pallas , Merkuur en de neege Muzen, die hier haar Parnas en Helikon hebben, begroeten hem met maatgezangen. De watergoden en godinnen koomen uit haar zandige killen en puimsteene kolken, vol vreugden, opborlen. Pan hippelt met de Satyrs langs d'oever van de Vechtstroom. Bacchus laat zich, al zwelgende, op zijn wijnvat, van Menaden voorttrekken. Ceres staat in 't midden; maar in

zulk een gestalte als op de bruiloft van Thetis. Diana schijnt vol weelde. de Dorpen juichen.

Het Weesperkarspel juigt; het Gooy is uitgelaaten, En Muide gaat ter feest; het schrander Helikon, De landt en waxergoôn, met hun kristalle vaten, Zijn vol van waare weeld; nu Bikker, Ja die Zon Die dit gewest bestraalt, naa 't hooge Slot komt rijden; Of is 't Augustus? neen: hy brengt Augustus tijden.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Alle de gedichten. Deel 1 · Jan Vos · Poetry Cove