Myn Heer,
De dans van Engelen, daar gy met my van gesprooken hebt, zal, mijns bedunkens, niet
raadtzaam zijn, dewijl gy de Engelen, om de val van Lucifer, een wettige reeden, met
een treurigh gelaat op het tooneel laat koomen: ik heb 'er een gemaakt, die zich
wonderlijker, geloof ik, voor d'oogen der aanschouwers zal vertoonen: want in deeze
wordt het vervolg van 't spel, de goude en zilvere eeuw uitgebeeldt.