De zoonen van Guiljam die roemen, waar zy staan,
Dat zy niet anders dan met rijkeluiden gaan.
Het is niet vreemt, zeidt Louw, dat u de rijke lokken:
De paarden tieren best in 't byzijn van de bokken.
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.