558. Op Juffrouw A. van Aldewerreldt. voor H.N.
Het Noorden heeft u hart met sneeuw en ys omgordt.
Het Oost bezet uw mondt met paarlen en koralen.
Het Zuiden heeft uw tong met bitter lap bestort;
En 't West versiert uw pruik met heldre goude straalen:
Verwerp het Oost en Zuidt, en neem my voor uw deel.
Door zulk een helft als ik bevindt gy u weêr heel.