Op de geschilderde Zuzanna van P.S. &c.
Hier wast Zuzanna zich op d'oever van haar beeken: Haar leeden zijn niet min dan 't nat dat wy zien leeken. Zy schijnt een leely in een kristalijne vat Daar d'uchtendtdauw op leit. de roozen die om 't badt Heen groeien, laaten 't hooft van enkle schaamte hangen, Om dat de roozen, die op haar albasterwangen Ontluiken, schooner zijn. de Grijzers naadren haar. De kuische vindt zich hier in schrikkelijk gevaar. Zy treedt verbaast te rug. als loodtwit zijn haar wangen. Wanneer een harderin twee opgezwolle slangen Ziet schieten uit het gras, kan zy niet anders staan. Zy dekt, om 't heet vergift van dit gedrocht t'ontgaan, Haar lichaam met het kleedt, en 't aanzicht met een reegen Van zoute druppelen. wie zou hier niet beweegen? Men ziet in 't bronbeeldt, noch in haar geen onderscheit. Dan dat het beeldt niet weent, daar zy erbarmlyk schreit. Hoe! ziet men 't beeldt hier niet uit deernis traanen loozen? Of is 't om 't geile vuur der schenners uit te hoozen? Zy zijn veel heeter dan de middagh door de zon: Zuzanna koelder dan het water van haar bron. 't Penseel bekoort mijn oog. het schoon kan harten grieven. Indien bey d'Ouden haar beoogen en niet lieven, Zoo zijn zy harder dan de steenen daar de wet Het overspel meê straft. dat niemandt hen belet: Hun zondt heeft groote reên. wie ziet haar zonder vleien? Wie biedt haar weêr geen hulp die haar om hulp ziet schreien? Maar ach dit water is als oly in hun vier. Hier rollen traanen met een ongemeene zwier. Gebruikt de vreê olijf? de krijgsgodt lauwerieren? De Kuisheidt wenst haar pruik met dit kristal te sieren: Met deeze paarelen op 't aangezicht gestremt. De Geilheidt wordt niet door een vrouwetraan getemt.
Wie Godt, noch straf ontziet beweegt zich niet door klaagen. Elk toont zijn krachten om Zuzanna te behaagen. Zy keert de stormen af. Eer past op niemandts gunst. Om deeze kuische te doen lyken, heeft de kunst Haar naar d'Onkuisheidt zelf gemaalt, om 't eerlijk weezen. Men hoeft niet voor 't vergift van haar gemoedt te vreezen. Dit is een bitter kruidt gedoopt in honingraat. 't Penseel vertoont nooit meer dan uiterlijk gelaat.
Cookies on Poetry Cove