Op de doodt van Sara Hinloopen, dochtertje van den E. Heer Jakob Jakobsen
Hinloopen, scheepen en Raadt t'Amsterdam. op een zilvere penning daar Herkules en
Pallas op gedreeven zijn.
De Doodt heeft Sara, in haar lent, in 't graf gerukt.
Zoo wordt een roozeknop eer datz' ontluikt geplukt.
Hier helpt noch Herkles kracht, noch wijsheidt van Minerve.
De Doodt heeft oor, noch oog. wy leeven om te sterve'.