De vyfde
Is met gescheurde bergen, die vuur en vlam braaken, beschildert; daar men de verplette
hoofden, gebrooken armen en vermorselde beenen der reuzen, die door de blixem
verbrandt zijn, overal uit ziet steeken. De trouwe en dappere krijgsheldt Monk wordt
op deeze voortgetrokken: hy heeft de knots van Herkules op zijn schouder, en 't
schildt van Pallas aan zijn arm. Verradery en Rovery, die hy voor zich heeft zitten, zijn
door zijn loffelijke onversaagtheidt geboeit. hy heeft de landtbederfelijke Hydra, die
hondert hoofden heeft, aan een yzere keeten geslooten: in de bakkesen van dit
ongediert ziet men de afbeel-
dingen van meester Pijm, Ireton, Fleedwood, &c. en andere Rijxplaagen.
Hier komt de wakkre Monk, de roem der trouwste mannen,
Die Herkles en Minerf in hart en hooft verbergt.
Wie wijs en dapper is gedoogt geen Rijxtyrannen.
Het honderthoofdigh dier, dat heel Europe tergt,
Heeft hy door raadt en moedt geveldt, eer 't alles velden.
Geen starker zuilen voor een troon dan schrandre helden.