Skip to content
1662

Alle de gedichten. Deel 1

Jan Vos

Zeeker vaader door zijn dochter in de gevangenis met haar zog &c.

Hier weet de dochter zich naar 's vaaders mondt te buigen. Hy dronk in volle weeldt nooit liefelijker toog. Als hy nu zuigt, van die hy zelf eerst leerde zuigen: Want hy herleeft door 't zog, dat zy wel eertijdts zoog Uit 's moeders borsten, waardt zoo waardt een kindt te laaven. Het zwaardt des hongers wordt door loosheidt uitgelacht: De doodt te loor gestelt met haar ontbloote graaven. Een eerelijk bedrog wordt loffelijk geacht. Zoo wordt een deugdtzaam kindt de moeder van haar vaader: De vaader weêr, door ramp, zijn dochters liefste kindt. Wie dat zijn vaader helpt uit klem van een verraader, Betoont niet meer dan plicht: maar plicht wordt dier bemindt. Een die zijn plicht voldoet wordt dubbel' eer gegeeven. Wie 's vaaders leeven stut zal naar zijn vaader leeven.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Alle de gedichten. Deel 1 · Jan Vos · Poetry Cove