127. Toen den E. Heer J. J. H. S. Maria Vos, myn Dochtertje, zeekere goude gedenk-penning aan dwong.
Myn Kindt spreekt:
Ik dank u driemaal voor uw penning zwaar van wicht.
Uw mildtheidt heeft geen reeden;
Is 't om myn vaaders dienst? zyn dienst ontstaat uit plicht.
't Bewys behoeft geen eeden.
Gy poogt hem te vergeefs te binden door dit pandt.
Wie vaardigh is tot plicht behoeft geen starker bandt.