Jaak dronk uit Bacchus vat, by heelen en by halven.
't Vat was zijn hengstebron; ja Jaak die maakte kalven
En vaarzen op een tijdt: dat tuigt de Velzer dijk.
Zoo worden Jaak, 't is vreemt, poëet en bul gelijk.
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.