Skip to content
1642

Zinne-beelden, oft Adams appel

Jan Veen

XLVIII.

Les larmes des martirs, le sang des Innocens, Est la semence dou sont accreu les Croyans.

XLVIII.

VVat over-last en pyn men't eed'le zaat an-doet, Of hoe men 't minder spaart hoe meerder dattet voedt.

HIer dorschtmen uyttet stro het angenaame Kooren, 't Moet uyt syn eygendom of daar 't in is gebooren, En vverdt daar na verplet vermoselt in het endt, De nuttigheyt van dien is jeder-een bekent, Van 't goddelijke volk staat duydelijk geschreeven, Hoe datse sullen syn verdelget en verdreven, Het hooft der Christenen het vvaare Hemels Broodt, Voor seyd'et mette mont, betuyghdent metter doodt, Ontellijk syn daar na vervvurreght en verbannen, Gehangen en gebrandt gepynnight en gespannen, En dit verkooren zaat der Martelaaren bloedt, Heeft veele duysenden tot Christenen gevoedt.

Les larmes des martirs, le sang des Innocens, Est la semence d'ou sont accreules Croyans.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Zinne-beelden, oft Adams appel · Jan Veen · Poetry Cove