Skip to content
1642

Zinne-beelden, oft Adams appel

Jan Veen

Het licht.

't Is een Arent den name. Maar geen Arent inder daat, Vroom, geschikt, van goede Fame, En van geen geringe staak, Kloek van moet, van dant, van rade, En gedienstigh alle man, Die het goede uyt het quade Rijk'lick onderscheyden kan. Die wel heeft gheproest, te vooren 's Werrelts ongestadigheyt. Ia gewonnen en verloren, Wat hem God had'toe-geleyt. Dus heeft hy bezeylt de haven! Van het dampige geklach, Doen hy most heel leegh begraven Dat hem boven't harte lagh, Maar gelijkmen siet ghebeuren Alle dingh heeft sijnen tijdn, Narren zijn't die altijt treuren, Of gestadigh zijn verblijt,

Soo heeft oock de tijt en stonde Maar de Heere boven al Hem getroost met Hillegonde, Die fijn by-slaap wesen sal. Siet mijn vrienden dit's in 't korte Dat ik u vertelle, maar Ofter u noch yets anschorte Leeft de Rey eens van dit Paar.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Zinne-beelden, oft Adams appel · Jan Veen · Poetry Cove