Skip to content
1637

Over-zeesche zege en bruylofts-zangen

Jan Veen

Tot den Bruydegom.

'k Wil u tijt noch mate fetten, Want de Minne acht geen wetten, Maar, gold my de Wagen-vracht, Ik en sou niet lange beyden Om de Bruyt na Bed' te leyden, Ende seggen goeden nacht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.