Nae de Stemme: Ick roep u ô Hemelsche Vader aen. DOor lust, tot rust van Oorlogh, want Die was in't eerste bloedigh, So comt daer nae rust (nae mijn verstant)
Door't gheweldt van Eendrachts bandt, Lang blijf ons Vaderlandt In Eendrachts-bant voorspoedigh. In vrede zietmen aen elcken cant
Veel Consten overvloedigh Ghemaeckt seer fraey van 's Meesters handt, Dus wijckt dan des Oorlochs-brandt, Lang blyf ons Vaderlandt
In Eendrachts-bant voorspoedigh. Den Bouman verheught vry van menigh quant, Die hem als dan niet woedigh En quellen noch soecken op Landt, of zandt,
Door den Vreed' die haer verpandt, Lang blyf ons Vaderlant In Eendrachts-bandt voorspoedigh. Overlast, Cracht, Oneer, en Schandt
Die ismen dan verhoedigh, Men breeckt dan tot niet der wreeder tandt, Die dan zijn in vredes standt, Langh blyf ons Vaderlant
In Eendrachts-bandt voorspoedigh. Dus is dan den vreed' als een claer Diamant, Seer lustigh, stil, en goedigh, Als d'Oorloghe, rust, die dier veel vermant,
Als ons is seer wel bekant, Langh blyf ons Vaderlant In Eendrachts-bant voorspoedigh. Weldoen verwint.
Cookies on Poetry Cove