Skip to content
1865

Al de volksdichten. Deel 1

Jan Pieter Heije

II.

Maar neen!... de Kindren suffen In 't dompig huisbestek, Of zitten droef te muffen In 't lage en duffe schoolvertrek; Alsof 't een marmerbleeke schaar Van beelden waar'.

Naar buiten, och, naar buiten! Waar 't nat springt langs den steen, Waar alle vogels fluiten... Zendt, Ouders! dáár uw kindren heen: Alsof hun stoet een dartle schaar Van beekjes waar'.

Ei! zie dan, hoe ze blozen En bloeijen vol van lust En stoeijen in de rozen, Door licht en lucht en geur gekust, En zie hunne oogjes, rein en klaar, Of 't bronnat waar'.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Al de volksdichten. Deel 1 · Jan Pieter Heije · Poetry Cove