Skip to content
1794

Liederen voor den landman. Deel 1

Jan Eijk

Wijze: Psalm III.

Het uitgedorschte graan Wordt in geen' zak gedaan, Maar eerst geschud, gedreeveu, Geslingerd in een wan, Eer men 't verkoopen kan. Zoo wordt het zaad ontheeven Van stoppels en van kaf, Die scheidt de wan er af. Zie daar, het goede koren Valt door zijn wigt om neêr! Het kaf vliegt heen en weêr, Verstuift en gaat verlooren.

Dat is ook eenmaal 't lot Van 't Goddelooze rot,

Het gaat, als kaf, verlooren, Maar elk, die God bemint, Blijft over, als het koren. Maak, dierbre Jesus! Gij Mijn dwaalziek hart dan vrij Van zonde en ijdelheden. En leer, met vasten tred, Geloovig, naar Uw Wet, Mij 't pad der dengd betreeden!

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Liederen voor den landman. Deel 1 · Jan Eijk · Poetry Cove