Skip to content
1794

Liederen voor den landman. Deel 1

Jan Eijk

Wijze: Psalm LXVIII.

Hoe teder is dit zuigend vee. Het kan rat met de grooten meê. Ik drijf, maar kom niet verder; 'k Verlies bijkans geduld en moed, Daar 'k altoos achterblijven moet - Foei! ongeduldig Herder! Weet Jesus wel van zoo'n verdriet? Hem kwelt het langzaam leiden niet Van zwakke zuigelingen. Hij maakt allengs de zwakke sterk. En schikt zich naar den gang van 't werk. Bij teedre volgelingen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Liederen voor den landman. Deel 1 · Jan Eijk · Poetry Cove