Skip to content
1794

Liederen voor den landman. Deel 1

Jan Eijk

Wijze: Zwijgt winden, gij stroomen,

Voet.

Het scheeren der Schaapen Is altoos een feest. Het vordert, o knaapen! Een' vrolijken geest. God was ons genegen, Hij hoorde onze beê. Hij schonk Zijnen zegen Aan Land en aan Vee.

Wij moeten ons wachten Voor dartele vreugd, Die God doet verachten En de inspraak der deugd;

Die handen en harten Voor Lijdenden sluit, En eindigt in smarten En jammergeluid.

In voorige dagen Werd Juda beroerd, In schandlijke laagen Van ontucht vervoerd. De weeldrigheid wekte Den dartelen geest, En zonde bevlekte Het Scheenderen feest.Genes. XXXVIII.

Toen Nabal, bij 't scheeren, En 't vreugdebetoon, Het billijk begeeren Van Isaïs Zoon Niet goedvond te geeven, Hoe was hij verblijd! Maar 't koste hem 't leeven, Door wrevel en spijt.1 Sam. XXV.

ô Neen! ons genoegen, Op 't vrolijke feest,

Moet Christenen voegen, En in onzen geest Ten spoorflag verstrekken Van liefde tot God, En mildheid verwekken Bij 't vreugdegenot,

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Liederen voor den landman. Deel 1 · Jan Eijk · Poetry Cove