38.
Een Hertogh was gesint een heerlick Huys te stichten,
En spreeckt met Constenaars om sich te onderrichten
Wat daar toe noodich is: beraatslaacht waar men d'eert
(Uyt Kelders ende Gracht rontom 't Paleys geweert)
Sal voeren: end hoe veel 't wech brengen sal bedragen?
Een Abt (daar by) geeft raat: die kost wordt licht te draagen
Men maackte dicht daar by een wijd' en diepe Graght,
Daar in dat al die Aard' sal lichtelick syn gebraght.
Maar waar sal m'al die Aard' (begintmen hem te vraagen)
Die uyt die groote Put moet syn gedolven, draagen?
Geen swaaricheyt (secht hy) maackt des te grooter gatt
Dat d'uyt-gedolvn Aard genoechsamelick bevatt'