Skip to content
1649

Den distelvink

Jacob Steendam

Op het Bruydlofs-Feest van Valentyn Midden-dorp: En Ester Lee-Pluk. Stemme: ô! Heylig Salig Bethlehem.

1 HEt heyl op-queekster van 't geluk Heeft hier haar plaats, haar stee genomen, Tot na-deel van on-heyl, en druk: Die Godes vrienden so ontkomen.

2 Siet hier een tijdelijke Echt Dringt ons gedachten, door de Wolken: En toond hoc dat wy zijn gehecht An Christus: boven alle volken.

3 Bedenkt, betracht dit jonge-jeugd: Schuwd d' ydelheyt gy twee ver-eende: Op dat geen kriele, wulpse-vreugd U harten (tegen reên) versteende.

4 Gy vrienden van dit jeugdig Paar (Wiens feest wy nu op-heden vieren) Merkt hoe den Heer haar heeft te gaar Gevoegd: als Vader goedertieren.

5 Wiens Wet den genen onderhoud Die sich om-gord met d' Huw'lijks-banden:

Mits dat het beter is getroud, Dan in on-kuysse lust te branden.

6 Hier is de baan u klaar gemaakt, Gy jongmans, en gy preutse maagden: Dies wacht u, dat gy niet en laakt Het geen der Goden-God behaagden.

7 Maar maakt dat dees' bedaagde-feest' Mach jonge, jonge-feesten baren: Die dit begeerd met hart, en geest, Die mach het sijn Vriendin verklaren.

Noch vaster.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Den distelvink · Jacob Steendam · Poetry Cove