Skip to content
1649

Den distelvink

Jacob Steendam

Luc. 2. 29. Stem: ô Heylig salig Bethlehem.

1. OGod, en aller Heeren Heer, Nu laat gy uwen Knecht in vreden, Na uwen woorde: en begeer, Den weg van alle vlees betreden:

2. Dewijl ik heden heb gesien Het Heyl: met uyterlijke-ogen: De Salicheyt, na u gebiên: Den Vrede-Vorst groot van vermogen.

3. Die gy (ô Heer) hebt toe-bereyd, Voor 't an-gesigt van alle volken: Een Licht, dat uyt de nacht ons leyd: En uyt de schau van duyst're-wolken.

4. Een Licht dat tot verlichting strekt Der Heÿdenen: in allen Landen: En Isr'els heerlijkheyd ondekt. Voor-seyd door hemelsche-verstanden.

5. Een Licht dat 's menschen blindheyd scheyd Uyt alle sinnen, en gedachten: De Sonne der Gerechtigheyd: Verlichter van de droefste-nachten.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Den distelvink · Jacob Steendam · Poetry Cove