S.
Saphyr en wat leer-stuck daer uyt te trecken, 19.a.
Schilderyen van jonghe vrysters ofte van vrouwen in vreemde handen, 24.a.
Schaeckspel misbruyckt by de vrouwen om daer mede hare achtsaemheyt te bewijsen, vermits dat de Koninginne in dat spel aende hoogherhant vanden Koninck staet, 2.3.a.
Sonneblom mette vrouwen vergheleken, 2.12.a.
Sylvius Paternus heeft een vreedsame huysvrouwe gehadt die 32. jaer sonder twist met hem gheleeft heeft, 2.25.a.
Sinne-beelt genomen van een keye die op een kussen aen stucken gheslagen wort ende op gheen harde steen en kan gebroken worden, 2.34.b.
Schoone vrouwen doen groot beletsel aen hare mans in vele dingen, 2.60.b.
Schrijf-contoir vande man moet hem vry vande vrouwe sijn, en wanneer, 2.60.b.
Scheydinghe van tafel ende bedde tusschen man en vrouwe, oft toe dient ghelaten, ende wanneer, 2.68.b.
Salomon Koninck van Israel door bywooninghe van veel vrouwen haest ver-out, 3.10.
Schoone en lieve kinders te krijghen oft door kunst kan te wege gebracht
worden, en hoe verre, 3.21.
Schilt-padde ende haer aert op verscheyde wijsen den vrouwen toegepast, 2.111.b.
Scherp ondersouck te doen opte gene die yemant ten huwelick versoucken, 5.a.
Spreeck-woort, met een vryer machmen loven &c. hoe te verstaen is, 6.a.
Sleutel na den eersten nacht aende jonghe vrouwe ghegeven, ende waerom, 2.1.b.
Suycker-werck in maeltijden of niet dienstich af te schaffen, 2.80.a.
Schaersheyt over het lywaet van sommighe vrouwen mis-presen, 2.92.b.
Schenckagien of by vrouwen ontfanghen, of ghedaen moghen werden, 2.97.a.
Spaer-pot van vrouwen buyten wete vanden man is verdacht, 2.98.a.
Sinnebeelt ontleent van den voghelstruys, 2.106.a.
Schoone meyssens niet dienstich in alle huysen, 2.106.a.
Sinnebeelt ontleent vande schilt-padde, 2.111.b.
Socrates heeft onverstandige ende onaerdighe kinders ghehadt, waer uyt sulx voort quam, 2.117.a.
Spinnen oock hier voortijts het werck der Princessen, 2.120.a.
Saecken roerende de by-wooninge van man en vrouwe, en dienen niet tot tafel-reden gebruyckt ofte spottelick in de geselschappen verhaelt, 3.18.
Schilderyen die seldsaem, leelick ofte verschrickelick sijn niet te hebben daer kint-draghende vrouwen sijn, 3.23.
Schoone beelden ende schilderyen te stellen ofte hangen voor de ooghen van swangere vrouwen, 3.26.
Schandelicke ofte oneerlicke schilderyen niet te gedoogen, 3.26.
Spijse of bereyt mach werden om de lusten te verwecken, 3.27.
Sonde vergeleken by de slange, 3.33.
Swangere vrouwe hoe haer draghen moet, 3.36.
Snoup-lust is by de vrouwen te myden, 3.40.
Snoup-lust en op den mont te passen staet sonderlinge leelick, ten aensien vanden man, 3.42.
Suygelinghen beminnen gemeenlick haer voesters ende voesters haer suygelingen, 3.54.
Sinnebeelt van een hinne die Endeneyers heeft uyt-gebroet, 3.63.
Schreyen of goet sy voor de kinderen, ende hoe verre, 3.67.
Swaluwen voeden haer jongens op gelijcke mate, ghelijck veel andere vogels, 3.71.
Slaep een voor-beelt des doots, 4.4.
Spiegel en desselfs gebruyck, 4.6.
Slempers berispt, 2.60.a.
Schaemte der vrouwen beste juweel, 1.18.b. ende 2.61.b.
Slaven ghegeesselt opte mate van snaren-spel en waerom, 2.63.b.
Sonne-blom mette vrouwe vergheleken, 2.12.a.
Suster in plaetse van vrouwe te worden in den ouderdom, 4.21.
Slanghe die haer huyt verandert vergheleken met een weder-gheboren mensche, 4.23.
Sieckten en swackheden dienstich aenden mensch om verscheyde redenen, 4.24.
Sorge vande ouders, en isset eygentlick niet dat de kinders versorght, 4.32.
Struys verliest sijn eyers en evenwel komender jongen uyt, 4.32.
Sich selven niet te ontkleeden eermen slapen gaet, spreeckwoort, 4.38.
Sinnebeelt ontleent van een keerse die inde pijpe brant, ende gepast op een out man, 4.40.
Sinnebeelden op goede ende quade vrouwen passende, 2.27.28.29.30.
Schoonheyt en moet niemant verhooveerdighen als wesende gans haest verganckelick, 4.70.
Cookies on Poetry Cove