Z.
Zee-compas met wat seyl-steen te strijcke[n] om wel daer by te seylen,
2.52.a.
Zee-peert [h]eeft de menschen een adere leeren o[ef]enen,
2.127.a.
De Zee h[ee]ft koeyen, schapen, peerden, en[de] andere dieren die opter aerden sij[n] en veel die opter aerden niet en sij[n].
2.50.a.