Gij zijt voldaan; Gij roeptme toe,
En laatme, o diepte! smeeken,
Dat ik geen verder pooging doe,
Om 't Vaderhart te breken;
Gij zweert, geen kwaad,
Zoo 'k mij verzoenen laat,
Aan mij te zullen wreeken.
Cookies on Poetry Cove
We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.