Skip to content
1656

Davids psalmen

Henrick Bruno

D.

DE sot seydt in sijn hert: Daer is geen Godt.14 De hemel geeft ons stof.19 De Heere wil uw' stem verhooren20 Des Heeren is 't gespan der aerd'.24 De Heer is my een licht in mijne wegen.27 Des boosen goddeloose sond'.36 Des Heeren Naem is groot op aerd'.48 De Godt der goden spreeckt, de Heere sal.50 De sot seydt in sijn hert; Daer is geen Godt53 De Lof-sang is in stilligheden.65 De Heere Godt zy ons genadig.67 De Heer is immers seecker goedt.73 De Heyd'nen zijn U in Uw' erf gekomen.79 Des Heeren grondt-slag is op heyligheden.87 Die in des hoogsten schuyl-plaets is.91 De Heere regeert, Hy is vol majesteyt.93 De Heere heeft geseydt tot Mijnen Heere.110 Doe Israël toog uyt Egypten-landt.114 Dat Israël nu segg'; 't en waer', 't en waer'124 Die sich vertrouwen op den Heere.125 Dat Israël nu segg'; sy hebben my.129

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Davids psalmen · Henrick Bruno · Poetry Cove