Skip to content
1710

Den Vlaemschen papegaey

H. Vijfderley

(voys) Sommes nous pas bienheureux, ofStroytjen, ende kooltjen vier.

I. Cupido, en oock de doodt In een herbergh t’samen raeckten, Ende goede chiere maeckten, Ende wierden vrienden groot, Ende gingen g’heel sat slapen, Stonden vroegh op noch half sat, Gingen elck een lochtjen rapen, Ende trocken naer de stadt. 2. Cupido half sat en root, Heeft onwetende genomen, Sonder eenigh vrees of schromen Den pijlkoker van de doodt: Oock de doodt sonder haer weten Nam Cupidos koker aen,

Met een backxtjen wat geseten, Elck is op sijn jacht gegaen. 3. Cupido voor eerst die quam By een Meisken jonck van jaren, Schoon, en fris, en rijp om paren, Dus hy sijnen boge nam, Ende meyn op haer te schieten Eenen pijl van soete min, Maer eylaes hy laet uytvlieten Een pijl, die de doodt had in: 4. En die schoon, en jonge Maeght, Rijck, en Edel van geslachte, Die een yder soo groot achte, Die haer Ouders soo behaeght, Wordt met een gemisten pijle Getreft, en eylaes valt doot, Ende dat op korte wijle, Yder was in droefheydt groot. 5. Oock de doodt, die niet en wist, Dat sy was soos tray besteken Met cupidos minne-treken, Heeft haer pijlkoker gemist: Dus aen een ouden grampere Een gemisten pijl sy gaf: Want sy dochte van confrere, ’t Is tijdt, dat gy zijt in’t graf. 6. Ende siet Grampeer die wort Met een minne-pijl geschoten In sijn oud’ en koude koten Wordt een minne-vier gestort, En grampeer begint te vryen Een jongh, ende soete Maeght,

En Grampere gaet sigh verblyven In de min, die hem behaeght. 7. De Doodt, en Cupido oock Geven vele blinde slagen, En sy nievers naer en vragen, En zijn beyd een vremde spoock. Deught, en wijsheydt, ende treden Maecken vy van allen druck, Die sijn tijdt wel heeft besteden Is de doodt oock een geluck. 8. Cupido, en oock de doodt Hebben alle bey geen oogen, Komen sigh oock meest vertoogen, Daer men-se oock noyt ontboot. De Doodt treft de jonge lieden, En Cupido d’oud’ ophist, Seer verkeert hun pijlen vlieden, Dickwils heeft hun pijl gemist.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Den Vlaemschen papegaey · H. Vijfderley · Poetry Cove