Skip to content
1693

Maes-Sluysche compas

Frank Metaal

Wijse: Doet u oogjens open, &c. Och wat swaerder pijne, Komt mijn nu in ’t hert, Want geen Medicijne, Vind’ ick voor de smert, Dan tot u ô Heere! Te komen in desen noodt: Want ghy wilt wel keeren Droeven anghst ende aenstoot. 2. Dus ô Heere goedigh! Maeckt u dienaer bly, Ende helpt mijn spoedigh; Uyt dees droeve ly: Want ick ben vol quelle, Om een Dochter seer belaen.

Heer wilt dit doch stelle! Dat het mach ten besten gaen. 3. Och wat heeft het minnen, By my nu al in, Dat ick niet mach winnen, Die ick heb in ’t sin: Mocht ick haer verkrijgen, Van den Heer tot een schenckaet, ‘k Wou van droefheyt swijgen, En toonen een bly gelaet. 4. Och of sy oock mede Tot mijn liefde droegh, Soo waer ick in vrede, En had vreught genoegh, Maer moet ickse derven, En mijn liefde van haer slaen,

Rouw sal mijn doen sterven, Of geduerigh quijnen gaen. 5. Dus mijn Lief gepresen, Eerbaerlijck en goet, Hoe meught gy dus wesen, Tegens mijn verwoedt, Daer ick soeck te leven Met u maer in eerbaerheyt, Soo als ick lestleden Tegen u heb geseyt. 6. Of ben ick belogen Van quaklappers reen, Die niet leyen mogen Dat wy twee zijn een, Wilt doch bescheyt geven,

Waerom dat gy mijn versmaet? Of heb ick bedreven, Dat mijn eere te nagaet. 7. Oorlof voor het leste, Lief in deughden rijck, Laten wy het beste Doen sonder af-wijck: En den Heer oock vreesen, Nu in onse jonge jeught, Om by een te wesen, Hier na bey in ’s Hemels vreught. Wie wil minnen, moet met sinnen, te werck gaen, Want in ’t vryen, is geen med’lyen, als de liefde is gedaen.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Maes-Sluysche compas · Frank Metaal · Poetry Cove