Skip to content
1693

Maes-Sluysche compas

Frank Metaal

Op de wijse: O soete versamen. O Heer Almachtigh, Ghy die zijt krachtigh Om ons al t’samen te bewaren, Wy die nu op de Zee gaen varen: Wilt ons altijdt bystaen, Op dat wy niet vergaen, Wanneer wy zijn belaen, Al van de baren. 2. Wilt ons bevrijden,

In quade tijden, Heer wilt doch altijt met ons wesen! Op dat wy u te rechten vreesen: Wanneer gy al ontbint, En dat de stercke wint, Ons schijnt t’hebben verslint Door groote vreese. 3. Wy die nu scheyen, En ons bereyen, Om op de baren te sweven, Heer behout ons gesont in ’t leven: Op dat wy al te saem Aenroepen Heer bequaem, Uwen Heyligen Naem, Seer hoogh verheven.

4. Men vint ‘er geene, Dan ghy alleene, Die ons in ’t minste kan vertsagen, Dus Heer wilt alle quaet verjagen: Geeft oock een danckbaer hert, Dat ghy gepresen wert, In voorspoet of in smert, Na u behagen. 5. Oorelof voor ’t leste, Heer schickt ten besten, Brenght ons weder gesont te Lande, Op dat wy met gesamer hande, U singen lof en danck, Met treffelijck geklanck, En dat ons leven lanck, Met goet verstande.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Maes-Sluysche compas · Frank Metaal · Poetry Cove