Skip to content
1658

Huys-gesangen

Franciscus Ridderus

Stemme: psalm 103. Mijn Ziele wilt den Heer met Lof-sangh prijsen. 1. GOdt heeft een Huys voor al zijn uytverkooren In't hooge hoogh. Maer sy moeten al vooren

Hier op der aerd oock komen tot zijn Huys: Die is Gods Kerck: die in haer standt uytwendigh Dan[n] voorspoet heeft, en dan weer is ellendigh: Dan heerlijck bloeyt, en dan sucht onder 'tCruys:

2. Sy zijn niet alle waere Huysgenooten. Die in den Doop met waeter zijn begooten: Een Iudas treed oock wel tot 'theyligh broodt.

Maer wilmen 'trechte volk van Christus kennen. 'tSijn die sigh buyghsaem tot zijn stem gewennen. Dits 'teygen volck verkregen door zijn doot. 3.

Vergaept u niet aen Romens oude Mueren; Noch aen een by-kerck onder u gebueren: Souckt nauw wie dat de reynste waerheyt heeft. Bedrieght u niet door yets dat blinckt uytwendigh

De dwael-geest schuylt zijn dwaeling soo behendigh Maer siet waer 'thert Gods wetten best beleeft. 4. Voor al, verneemt, waer Christus 'thooft der Kercken,

Op 'thooghst ge-eert wort door de rechte wercken, En waer zijn bloet ten hooghsten wort geacht: Verneemt wat Leer het herte meest doet buygen. Dit zijn altijt de beste Kerck getuygen.

Dus wort ghy tot de ware Kerck gebracht.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Huys-gesangen · Franciscus Ridderus · Poetry Cove