Skip to content
1700

Dagelyckse huys-catechisatie

Franciscus Ridderus

b. Vr. Waer in is God onveranderlijck? Ant. (1.) In sijn Wesen, 1 Tim. 1.17. De koning der eeuwen, den onverderffelijken God, Ps. 102.28. (2.) In zijn kennisse en alwetentheyt, 1 Cor. 2.16. Wie heeft den sin des Heeren gekent, die hem soude onderrichten, Job 11.7, 8, 9. Hebr. 4.13.

(3.) In zijn wille en voornemen, Job 42.2. Ik weet dat gy alles vermeugt: Ende dat geen van uwe gedagten kan afgesneden worden, Esa. 46.10. Mijn raed sal bestaen, ende ik sal alle mijn welbehagen doen. Rom. 9.11. Op dat het voornemen Gods, dat na de verkiesinge is, vast bleve, Hebr. 6.17. De onveranderlijkheyt van zijn raedt. (4.) In zijn woorden, beloften, en dreygementen, Num. 23.19. God is geen man dat hy liegen soude, nogte eenes menschen kint dat hem yets berouwen soude: soude hy 't seggen, ende niet doen? ofte spreken, ende niet bestendig maken? Tit. 1.2. Jes. 34.16.

Cookies on Poetry Cove

We use cookies to remember your language preference and — only with your consent — to learn how Poetry Cove is used. You can change your mind any time.
Dagelyckse huys-catechisatie · Franciscus Ridderus · Poetry Cove