c. Vr.
Wat moeten de kinderen doen om hare ouders wel te gehoorsamen?
Ant. De kinderen moeten dese pligten van gehoorsaemheyd nakomen:
(1.) De bevelen van haer ouders moeten sy gewillig, spoedig en getrouw doen, Prov. 2.1. Mijn Soon soo gy mijne geboden by u weg legt, 1 Sam. 17.17.
(2.) De onderwijsinge der ouderen moeten sy vlijtig aennemen, Prov. 1.8. Mijn Sone, hoort de tugt uwes Vaders, ende verlaet de leere uwer Moeder niet, Prov. 13.1. Een wijse Sone hoort de tugt zijns Vaders.
(3.) De bestraffingen en kastijdingen moeten sy van haer Ouders lijdsamelijk verdragen, Heb. 12.9. Wy hebben de Vaders onses vleeschs wel tot kastijders gehad, en wy ontsagense, Prov. 29.17.