c. Vr.
Waerom wilde God niet dat David een Tempel soude bouwen, dewyl hy een Krijgsman was? 1 Chron. 28.3.
Ant. Dit sag daer op niet, dat hy oorlog voerde, want dat dede hy door Gods ordre, Ps. 18.41. Gy gaeft my de necke mijner vyanden, 1 Sam. 25.28. Maer God wilde dat zijn Huis soude gebouwt worden in een tijd van vreede, en van minder bekommeringe, op dat dit werk te beter soude voort-gaen, 1 Reg. 5.3. Salomon seide tot Hiram: Gy weet dat mijn Vader David niet en konde den Heere een Huis bouwen, van wegen de oorlogen, daer mede sy hem omcingelen, vs. 4. Maer nu heeft de Heere God, my van ront om ruste gegeven. 1 Chron. 22.9.