c. Vr.
Waerom is dat soo een seer zware sake?
Ant. De redenen hier van zijn dese: (1.) Om dat de sonden een seer grouwelijk quaet zijn, namelijk, het zijn Schendingen van Gods Majesteit, Rebellinen tegen God, verbrekinge van zijn beeld, &c. 1 Sam. 15.23. Wederspannigheid is een sonde van toverie, ende wederstreven is afgoderye en beelden-dienst, Esa. 1.5. 1 Thess. 4.8. Soo dan, die dit verwerpt, die en verwerpt geen mensche, maer God. (2.) Om dat seer zware straffen gedreygt zijn, aen die Gods Wetten in alles niet nakomen, Deut. 24.26. Vervloekt zy die de woorden deses wets niet en sal bevestigen, doende de selvige, Jac. 2.10. Matth. 5.22. Die tot zijn Broeder segt Raka, sal schuldigh zijn aen het helsche vier. (3.) Om dat God een regt- veerdig Rigter is, die een grouwel heeft van alle godloosheid, Deut. 25.16. Al wie sulks doet, is in den Heere uwen God een grouwel, ja al wie onregt doet, Psal. 5.5, 6. Heb. 10.31. Het is vreesselijk te vallen in de handen des levendigen Gods. (4.) Om dat de mensche by hem selven niets heeft daer mede hy God kan te vreden stellen; Maer in tegen-deel, soo verwecken de dagelijkse sonden God tot toorne? Ps. 49.8. Hy sal God sijn rantsoen niet konnen betalen, Jac. 3.2. Wy struikelen alle in velen.