c. Vr.
Hoe seyt dan Paulus, Heb. 11.6. Sonder geloove is 't onmogelijk God te behagen?
Ant. Dat is te seggen; sonder dit geloove, Dat God is, en dat hy een belooner is dergener die hem soeken, vs.6. Sal niemant godsalig na Gods Wetten wandelen, Rom. 14.23. 't Gene uit den geloove niet en is, dat is sonde. Dog wy zijn uitverkoren, eer wy God behaegden: dat is, eer dat wy door een geloovigen wandel hem aengenaem waren, Rom. 9.11. Als de kinderen nog niet geboren waren, nog iets goets, ofte quaets gedaen hadden, 2 Tim. 1.3.