c. Vr.
Hoe komt het dan dat sommige beloften en dreygementen Gods schijnen niet vervult te zijn; als Num. 14.30. Jon. 3.4?
Ant. Alle Gods beloften en dreygementen worden altijds vervult, soo als deselve gedaen worden: Maer Gods beloften, en sijn dreigementen in tijdelijke dingen, sien veeltijts in haer vervullinge op een voorgaende conditie, 't zy dat selvige uytgedrukt staet, of niet; en als die conditie niet wort vervult, dan wordt de belofte of het dreygement oock niet vervult, sonder krenkinge van Gods waerheyd, Jer. 18.7. In eenen oogenblick sal ik spreken over een volk en over een Koningrijk, dat ik het sal uitrucken, en af-breken, ende verdoen, vers 8. Maer indien dat selvige volk over het welke ik sulks gesproken hebbe, sig van sijn boosheit bekeert, so sal ik berouw hebben over 't quaet dat ik het selve gedagt hebbe te doen, 1 Sam. 15.26. 1 Sam. 2.30.