c. Vr.
Mag men niet bidden om de groote geestelijke gaven?
Ant. Niet met een absolute begeerte, want God wil de grootste gaven in yeder een niet geven, 2 Cor. 12.9. Mijne genade is u genoeg, 1 Cor. 12.7. Een yegelijk word de openbaringe des geestes gegeven tot het gene oorbaar is, verss. 8, 9.