a. Vra.
Hoe is het in dese tijd gegaen in het Koningrijke van Juda?
Antw. De Edomiten zijn van Joram af-gevallen, en zijn afvallig gebleven onder haer eyge Koning: So ook de Koninglijke stad Libna: Daer is aen hem gekomen een brief, die Elias, op aerden nog zijnde, had geschreven; in welke hy hem, van wegen sijn sonden, dreygt met een pijnlijke dood, en met verlies en ondergang van sijn geslagte, gelijk hem door de Philistijnen is over-gekomen, die alle sijne kinderen hebben weg-gevoert, uytgesondert sijn jongsten sone Joachas, 2 Chron. 21.17. Sy voerden alle zijne have wech, ook zijn kinderen en wijven, 2 Chron. 21.12, 13, 15, 19.