c. Vr.
Hoe moet sig dan een Christen dragen?
Ant. Een Christen moet sijn klederen des lichaems gebruiken tot noodwendigheyt, en tot een matige eerbaerheyt, so nogtans, datmen daer in 't bysonderste verciersel niet en stelle, maer datmen arbeyde met meerder sorge voor het kleed der ziele, 1 Pet. 3.3. Welker verçiersel zy, niet in 't gene uiterlijk is, vs. 4. Maer de verborgene mensche des herten in 't onverderffelijk verçiersel eens sagtmoedigen en stillen geests, die kostelijk is voor God, Esai. 61.10. 1 Tim. 2.9.