b. Vra.
Hoe is 't voorts met Saul gegaen?
Ant. Als Saul op trok tegen de Philistijnen, (Die David van hier gesonden hadden, op hem niet vertrouwende) soo vraegde hy eerst God om raed; dog geen antwoord bekomende, ging tot een Tooveresse, versoekende, datse Samuel, die nu gestorven was, wilde doen opkomen: maer als de Duyvel onder schijn van Samuel, hem de neder-lage voor-seide, soo is Saul seer ontsteld geworden, 1 Sam. 28.11. Saul seide, doet my Samuel op komen, 1 Sam. 28.4, 20. 1 Sam. 29.3.