c. Vr.
Hoe staet het met de gemeyne staet van de Vrome, die nu wat verder gekomen zijn als de kinderkens in Christo?
Antw. Dese zijn in desen staet:
[1.] Sy hebben beter kennisse van het Christelijke leven, als de kinderkens, Heb. 5.14. Sy hebben de sinnen geoeffent tot onderscheidinge des goeds ende des quaeds, 1 Joh. 2.13.
(2.) Sy hebben veel strijds in de loopbane der godsaligheyd, Gal. 5.17. Het vleesch begeert tegen den geest, 1 Joh. 2.13.
(3.) Sy hebben een jeugdige couragie om tegen de hinderpalen aen te gaen, Prov.28.1. Elke regtveerdige is moedig als een jonge Leeuw, 1 Joh. 2.14. Ick hebbe u geschreven Jongelingen, want gy zijt sterk, ende het woord Gods blijft in u, ende gy hebt den boosen overwonnen.