c. Vr.
Sullen alle menschen op deselvige wijse geoordeelt worden?
Ant. Neen: maer dit onderscheyd salder wesen: (1.) De menschen die het Euangelium niet gehoort hebben, sullen na de wet der nature alleen veroordeelt worden, Rom. 2.12. So vele als 'er sonder wet gesondigt hebben, sullen sonder wet verloren gaen, v. 14, 15. Rom. 1.20. (2.) De menschen die de geschreven Wet en het Euangelium gehoort hebben, ende daer na niet geleeft hebben, sullen na beide veroordeelt worden, Rom. 2.12. Soo vele als 'er onder de Wet gesondigt hebben, sullen door de Wet veroordeelt worden, Joh. 15.22. Indien ik niet gekomen ware, en tot haer niet gesproken hadde, sy en hadden geen sonde, maer nu hebben sy geen voorwendsel voor hare sonde, 2 Cor. 2.16. (3.) De menschen die het Euangelium gehoort, ende gelooft hebben, sullen na het Euangelium vry gesproken worden, Jo. 3.36. Die in den Sone gelooft, heeft het eeuwige leven, Joh. 5.24. Voorwaer, voorwaer segge ik u, wie mijn woord hoort, ende gelooft hem die my gesonden heeft, die heeft het eeuwige leven ende en komt in de verdoemenisse niet, maer is uit den dood overgegaen in het eeuwige leven.